Category Archives: USA

Dalton en Dilbeek zijn verbroederd sinds 1985, 28 jaar dus al. TIjd om even de geschiedenis in te duiken van deze twee gemeenten.

Dilbeek

Dilbeek is na Leuven de grootste gemeente of stad van Vlaams-Brabant en telt dan ook ruim 40,000 inwoners. Dilbeek, de “Poort van het Pajottenland”, behoort tot het arrondissement Halle-Vilvoorde en telt vijf deelgemeenten (Groot-Dilbeek, Groot-Bijgaarden, Itterbeek, Sint-Martens-Bodegem, Sint-Ulriks-Kapelle en Schepdaal – waar ik woon).

Alle Dilbekenaren zijn trots op het kasteel van Dilbeek, Kasteel de Viron. Dit pareltje wordt vandaag helaas niet gebruikt als gemeentehuis, maar heeft vandaag eerder een ceremoniële functie. De naam van het kasteel komt van de persoon die hem liet ontwerpen: baron de Viron. De architect van het kasteel, Jan-Pieter Cluysenaer, ontwierp ondermeer ook de Sint-Hubertusgalerij in Brussel en de Villa Servais te Halle. De familie de Viron verhuisde uiteindelijk in 1924 uit het kasteel; maar het was duidelijk dat de familie Dilbeek sterk had getekend met onder meer tal van gronden in Dilbeek die hun eigendom waren. Uiteindelijk werd het kasteel als monument beschermd in 1990 en in 2012 kreeg het kasteel nog een grondige renovatie.

De “konijnfretters” is de bijnaam van de DIlbekenaren; een bijnaam gegeven door keizer Karel V, zo luidt de legende.

Dilbeek is nog gekend van:

  • Vijverfestival: een jaarlijks gratis festival op het plein voor het Kasteel de Viron;
  • Westrand: het cultuurcentrum dat onlangs nog werd uitgebreid;
  • Wolfsputten: een natuurgebied dat in 2001 werd erkend als natuurreservaat;
  • Regina Caelilyceum: een middelbare school (ASO) gesticht in 1927.

Dalton

Dalton heeft een 37,000 inwoners. De gemeente is gelegen in de provincie Whitfield en maakt deel uit van de staat Georgia. Dalton, “The Carpet Capital of the World”, is gelegen aan de voet van de Blue Ridge Mountains in noordwest Georgia en is de tweede grootste gemeente in noordwest Georgia.

De tapijtindustrie is de motor van de economie van Dalton; zowat 4/5e van alle vloerbekleding van de Verenigde Staten worden er geproduceerd en 2/5e van de totale wereldproductie. Zo een 30,000 werknemers zijn werkzaam in de tapijtindustrie in de provincie. Het Belgische Beaulieu heeft er 25 fabrieken en stelt 6,000 mensen te werk. Mede dankzij verbeterde technische vaardigheden en machines was het mogelijk om de productie van tapijten op te drijven. Hoewel de vraag minder groot is als enkele jaren geleden en hoewel de machines een groot deel van het werk overnemen is het maken van tapijten en vloerbekleding nog steeds de belangrijkste economische activiteit voor Dalton en de omliggende streken.

Bezienswaardigheden te Dalton zijn onder meer:

  • Dalton Depot: restaurant en lounge dat eerder door de spoorwegen werd gebruikt tot 1978;
  • Dalton Little Theater: Georgia’s oudste theater;
  • Heritage Point Park: een prachtig park met tal van recreatiemogelijkheden.

Dilbeek en Dalton: de verbroedering

Ontstaan

Dilbeek vond het altijd al belangrijk om te verbroederen met buitenlandse gemeenten. Zo vond er in 1972 een verbroedering plaats met het Oostenrijkse Obervellach. Dertien jaar later, in 1985, verbroederen Dilbeek en Dalton. Deze verbroedering kwam tot stand dankzij onder meer Dr. Jef Vakeniers, toenmalig burgemeester van Dilbeek. Het idee kwam om een stad/dorp met ongeveer dezelfde omvang te nemen als Dilbeek. Dalton was een goede keuze dankzij het landelijk karakter, maar ook vanwege de vestiging van de Belgische Beaulieu fabrieken met als CEO de Belg Carl Bouckaert.

Dalton State College

De verbroedering gaat verder dan enkel het bezoeker van elkaars gemeente. Dankzij de bouw van studentenkamers en het onlangs erkend zijn voor een 4 jaar universitaire opleiding is Dalton State College de ideale plaats voor Belgische studenten om te studeren. In februari 2012 vertrokken de eerste Belgische studenten naar Dalton om er onder meer te studeren aan Dalton State College. De lessen bieden de Belgische studenten inzichten in hoe in de Verenigde Staten business wordt gedaan. Bovendien worden internationale contacten gelegd en wordt de Engelse taal verbeterd.

Op termijn is het plan om ook studenten van Dalton State naar België te sturen. Echter vormt de taal een barrière: slechts enkele vakken zijn Engelstalig op de Hogeschool-Universiteit Brussel.

Stageplaatsen

Heel wat Belgische bedrijven zijn gevestigd te Dalton en dit biedt natuurlijk mogelijkheden om Belgische studenten te plaatsen in deze ondernemingen. Het is ondermeer alweer Beaulieu dat hier kan worden genoemd.

We zijn vrijdag vandaag en sinds dinsdag zijn we aangekomen in de Verenigde Staten. Fastfood staat centraal in de voedselketen van de Amerikaan; het aanbod aan fastfood ketens is dan ook enorm. Sinds de dagen dat we hier zijn hebben we dan ook al dagelijks fastfood gegeten. Dat kan ook niet anders, niet-fastfood eetgelegenheden bestaan hier (althans in deze omgeving) niet.

Eten in een ‘restaurant’ hier in de US gaat als volgt: je komt binnen en neemt plaats of je wordt een plaats toegewezen. Je bestelling wordt opgenomen en het eerste wat men vraagt is wat je drinkt. Zowat iedereen, van oud tot jong, besteld een frisdrank bij de maaltijd. De drank wordt dan ook meteen gebracht en vervolgens wordt gevraagd naar wat je eet. Nog voor je eten wordt gebracht, kijkt de persoon die je bestelling opnam of je frisdrank al (half)leeg is en geeft je vervolgens een refill. Ook tijdens eten wordt je drank constant bijgevuld; uiteindelijk merkten we dat we tot drie grote cola’s dronken bij een maaltijd!

Het is gebruikelijk om de taxes niet te vermelden op de menukaart, je moet dus telkens rekening houden dat de prijzen 6% duurder zijn van vermeld op de kaart. Bovendien wordt er telkens verondersteld dat je een tip geeft aan de persoon die jou bediende. Het is namelijk zo dat bediende slechts een klein loon krijgt en dat de tip een groot deel van de bediende haar/zijn loon is. Vriendelijkheid is dan ook gegarandeerd in elk restaurant – or no fees! Wij, de toeristen, zijn dan ook een geliefkoosd ‘doelwit’ om een babbeltje mee te slaan en een extra fooi uit de brand te slepen. Zo een fooi bedraagt zo rond de 15%.

We hebben ons alvast voorgenomen vanaf volgende week zelf ons potje te koken – gezond(er) dus. Ook fitnessen staat op het programma. To be continued…

Thomas is een laatstejaarsstudent Toegepaste Informatica aan de Hogeschool-Universiteit Brussel. De richting Toegepaste Informatica maakt deel uit van het studiegebied Bedrijfskunde en de hogeschool maakt deel uit van de Associatie KU Leuven.

De uitwisseling

Thomas gaat niet op Erasmus. Het Erasmusprogramma is een project van de Europese Unie en biedt studenten steun (zowel financieel als organisatorisch) wanneer zij hun studie en/of stage verderzetten in het buitenland, maar dus wel nog binnen de Europese Unie. Thomas gaat dus op buitenlandse stage/studie en niet op Erasmus.

De keuze om zijn uitwisseling naar de Verenigde Staten van Amerika te doen, is niet toevallig. Onder andere dankzij de enthousiaste verhalen van de studenten van vorig jaar en de aanmoediging van Dr. Jef Valkeniers hebben Thomas helemaal overtuigd om zijn uitwisseling in een ander continent te laten plaatsvinden. Hij wou tevens een stage doen in een land buiten de EU.

De hogeschool

Aan Dalton State College (DSC) volgt Thomas het vak Strategic Management, goed voor omgerekend 6 Europese credits (“ECTS punten”). De hogeschool maakt deel uit van het University System of Georgia (USG) en Southern Association of Colleges and Schools (SACS).

Dalton State College, meestal afgekort als ‘Dalton State’, is een college (vergelijkbaar met de term ‘hogeschool’ in België) die is opgericht in 1963 en telde in 2010 net geen 6,000 studenten.

Dalton State is opgedeeld in ‘Schools’, vergelijkbaar met de studiegebieden of faculteiten die wij kennen bij onze hogescholen en universiteiten. Zo heeft Dalton State onder meer de School of Education, School of Liberal Arts en de School of Science, Technology and Mathematics. Ik val onder de School of Business en is geaccrediteerd door The Association to Advance Collegiate Schools of Business (AACSB). Net zoals een faculteit aan een Belgische universiteit een decaan heeft aan het hoofd, staat er ook aan de Schools een decaan aan het hoofd; voor de School of Business is dat Dr. Larry Johnson.

Het verblijf

Thomas verblijft er op studentenkamer te Wood Valley samen met een Amerikaanse medestudent. Wood Valley biedt plaats aan 250 studenten. Het ideale aan Wood Valley is dat deze vlak naast de school zelf is gelegen. Dat lijkt op het eerste zicht logisch, maar de afstanden hier in de USA zijn bijna altijd zo groot dat dit echt wel als een luxe kan worden gezien.

De stageplaats

De stage is een belangrijk onderdeel van de uitwisseling naar Amerika. Het is de bedoeling dat de studenten die op buitenlandse stage vertrekken een interessante ervaring opdoen op de stageplaats van een buitenlands bedrijf. Thomas doet zijn stage bij Dalton Utilities, een bedrijf die verschillende nutsvoorzieningen biedt aan de lokale bevolking: water, elektriciteit en gas. Dalton Utilities heeft echter nog een nevenactiviteit onder de naam OptiLink; zij bieden internet, digitale televisie en telefoondiensten aan.

 

Aanbevolen links:

5u ‘s ochtends: opstaan. Om 10u55 vertrekt onze vlucht vanuit Zaventem richting Philadelphia. Na een 9 uur durende vlucht over de Atlantische Oceaan (hence the name ‘transatlantic flight’) komen we aan in de States. Een kleine twee uur wachten en we zitten reeds op een volgend vliegtuig, op weg naar de luchthaven van Atlanta. Aangekomen in deze huge luchthaven is het wachten op een teken van leven van Dalton State College; de college waar we zullen studeren zou namelijk iemand sturen om ons op te pikken. Het is echter eerst onze weg zoeken naar de uitgang van de luchthaven: de luchthaven telt namelijk talrijke vleugels en heeft zelfs een metro! Werkelijk ongezien hier in Belgie. Uiteindelijk komen we de mensen van Dalton tegen en zo rijden we naar onze eindbestemming: Dalton State College.

Bij de aankomst worden we verwelkomd door Eunice Cooper, de Academic Advisor van de School of Business. We worden warm onthaald en we worden meteen rondgeleid en ook onze dorms worden meteen geregeld. Die avond nog (het is dan al ongeveer 9pm, ofwel rond 3u ‘s nachts in Belgie) rijden we naar de Walmart om inkopen te doen. Walmart? Jawel, de winkel zo groot als 5 gemiddelde Colruyt winkels die we in Belgie gewoon zijn en waar dus werkelijk alles wordt verkocht: van elektronica tot kleren, eten, boeken en tot zelfs zwembaden.  In de Walmart heb je zelfs een McDonalds en beiden zijn 24/7 open.

Het waren al twee intensieve dagen. Sinds we hier zijn aangekomen hebben we al tal van mensen ontmoet, zijnde ondermeer de President van Dalton State College, mederwerkers en studenten. Zij waren zo vrij om ons rond te leiden in hun fitness complex, hun zwembad, de tennisbanen, de klaslokalen, de bibliotheek en het restaurant van de school. Ook al wordt Dalton State gezien als een eerder kleine school (7000 studenten heb ik opgevangen ongeveer), toch kunnen we de grootte van hun faciliteiten en hun studentenkoten niet klein noemen. Er valt nog heel wat te ontdekken, dat staat vast.

Tot zover mijn eerste blogpost die de eerste twee dagen van ons verblijf schetst. Morgen gaan we voor het eerst naar de les Strategic Management en vindt er ook een receptie plaats met mensen uit de stageplaatsen en mensen van de school.

(Ik ben trouwens te bereiken via Skype: t.vanhoutte)